Door de Geest werken in de gemeente (2)

Inleiding

Jezus wil zijn gemeente in ieder opzicht door de Geest leren leven en haar hierin tot volheid voeren. Hij wil allerlei geestelijke gaven in ons tot ontwikkeling brengen zodat wij gaan spreken en werken zoals Hij. Hij wil ons ‘rijk’ maken in Hem (1Cor.1:5).

In dit kader zijn de gaven van genezingen aan de orde gekomen. In deze bijbelstudie ronden we dit onderwerp af, naar het licht dat we tot hiertoe van de Heer hebben ontvangen. Hiermee besluiten we tevens de serie bijbelstudies over ‘geestelijke gaven in de gemeente’ (vanaf BS 12).

Tot opbouw

Met het ontwikkelen van geestelijke gaven rust Jezus ieder lid van zijn lichaam toe tot dienstbetoon, tot opbouw van zijn gemeente (naar Ef.4:12).

In het leren spreken door de Geest geeft Jezus ons allereerst nieuwe mogelijkheden voor het stichten van onszelf: we mogen in nieuwe tongen (talen) gaan spreken (BS 14). Vervolgens opent Hij nieuwe dimensies in de opbouw van elkaar als broeders en zusters in zijn gemeente: we mogen profetisch leren denken en spreken, met kennis, inzicht en wijsheid (BS 15,16).

Zo gaat het ook met het leren werken door de Geest op het terrein van genezing. In het leven met Jezus ontstaan allereerst nieuwe mogelijkheden voor herstel en genezing in eigen leven. Daarna wijst de Heer ons de weg die nog veel verder omhoog voert. Deze weg opent goddelijke mogelijkheden voor het bevorderen van herstel en genezing in het leven van onze naaste.

In eigen leven

In ons persoonlijk leven kan Jezus genezing bewerken en genezing schenken. We mogen met bijbels taalgebruik spreken van ‘charismata van genezingen’ en van‘dorea’s van genezingen’ (BS 18/11).

Wanneer Jezus op charismatische wijze genezing tot stand brengt, bekrachtigt Hij ons geestelijk lichaam door heilige Geest. Hij gordt ons in ons binnenste aan met kracht van omhoog. In gemeenschap met ons bewerkt Hij nieuwe, ‘hogere’ uitingen in ons zelf-herstellend vermogen: ‘buitengewone’ krachten, gericht op volledig herstel naar geest, ziel en lichaam (BS 18/10). Deze genezing gaat niet buiten ons om: zij komt organisch tot stand, zij werkt van binnen naar buiten.

Charisma

Met het bewerken van deze charismatische genezingen brengt Jezus in feite ‘charismata van genezingen’ in ons tot ontwikkeling: Hij rust ons toe met alles wat nodig is om in eigen leven tot volledig herstel te komen en geestelijke volwassenheid te openbaren.

Het functioneren van deze gave is - evenals bij alle andere charismata - verbonden met het leven Gods in ons. En dus mede afhankelijk van de staat van onze geestelijke groei en ontwikkeling. Nog onvolkomen op dit moment, evenals ons profeteren en kennen (1Cor.13:9). Ook voor de charismata van genezingen geldt: als het volmaakte komt, zal het onvolkomene afgedaan hebben (vs.10). Zie ook Bijbelstudie 16, bladzijde 2 en 3, bij de kopjes ‘Groei naar volheid’ en ‘Door de Geest’. Wij mogen leren leven en werken met de goddelijke mogelijkheden die Jezus ons geeft: gaandeweg opwassen in de genade en kennis van onze Heer en Heiland, Jezus Christus (2Pe.3:18).

Dorea

Wanneer Jezus ons genezing en herstel schenkt door rechtstreeks en bovennatuurlijk ingrijpen van Hemzelf, wordt de genezende kracht niet van binnenuit ontwikkeld, maar van buitenaf ontvangen. Niet op organische wijze in gemeenschap met Hem verworven, maar eenvoudigweg van Hem verkregen. De genezing valt je ten deel, de kracht Gods komt over je: een heerlijke tegemoetkoming van Jezus. We mogen in zulke situaties spreken van dorea’s van genezing (BS 18/11).

Deze wijze van genezing is niet afhankelijk van de staat van onze geestelijke groei en ontwikkeling. Doreatische genezingen kunnen je al bij je bekering en wedergeboorte ten deel vallen. Ik meen dat dit ook als een kenmerk gezien mag worden van het (eerste) doorbreken van het Koninkrijk Gods in levens van mensen: vergeving en verzoening, verlossing en genezing... alles in genade ontvangen van Jezus, de Heer.

Uit God

Voor een helder zicht op de geestelijke werkelijkheid is het goed om onderscheid te maken tussen doreatische en charismatische genezing, zonder ze evenwel van elkaar te scheiden. Goddelijke genezing is en blijft het werk van één en dezelfde Geest, welke weg ook wordt bewandeld. Tezamen met alle andere genadegaven komt zij voort uit één bron: God, en wordt zij toegedeeld door één Heer: Jezus (naar 1Cor.12:4-6).

In grote wijsheid werkt Jezus door heilige Geest met alles wat God Hem in handen heeft gegeven. Met één doel: de vorming van zijn gemeente, vervuld tot alle volheid Gods.

Samen op

Doreatische genezingen kunnen in de hele geestelijke ontwikkeling naar de volheid van Christus blijven voorkomen. Als aanvulling op wat langs charismatische weg nog niet mogelijk is. Als tegemoetkoming van Jezus, opdat het ons aan niets zal ontbreken. En als goddelijke stimulans in de (verdere) ontwikkeling van charismata vangenezingen.

Ik geloof dat er gaandeweg een steeds groter charismatisch aandeel ontstaat in het doorgaande proces van herstel en genezing in ons leven. Dat Jezus steeds meer met en door ons heen zijn werk verricht. Hij beoogt een gemeente, gelijkvormig aan Hem in hart en leven, in woord en werk, in handel en wandel.

Meewerken

Op welke wijze kunnen wij ons met betrekking tot het charismatische genezen voor de werkingen van Jezus openen en met Hem meewerken? Waar richten wij ons op in ons bidden en werken? Wat staat ons te doen indien wij in eigen leven geconfronteerd worden met ziekte of ontregeling?

Met andere woorden: hoe kunnen wij in ons persoonlijk leven bijdragen aan de door Jezus bedoelde ontwikkeling van charismata van genezingen?

In Christus

Allereerst is het zaak om bewust je positie in Christus in te nemen. Om daadwerkelijk in gemeenschap met Jezus te zijn en dit in geloof te belijden. Niet alleen als het moeilijk is of op momenten waarin genezing nodig is, maar voortdurend en altijd.

Geestelijke gaven komen tot ontwikkeling in een leven met Jezus, in het ware leven door Hem. Alles wat dit leven bevordert, werkt bevorderend voor de charismata. Alles wat de ontwikkeling van dit leven verhindert, werkt stagnerend. We noemen in dit verband het werken met en leven vanuit vergeving, zowel in het vragen als in het schenken. Waar dit niet (goed) functioneert, houdt de vijand grip op het leven van mensen. Van groot belang is ook te breken met iedere vorm van ongerechtigheid (2Tim.2:19) en je bewust en volledig in te zetten voor verdere reiniging en heiliging (Heb.12:14, 1Thes.4:3). Denk ook aan wat Paulus over de ontwikkeling van dit ware leven zegt in Colossenzen 3:5-17.

Geestelijke werkelijkheid

Vervolgens is het nodig de realiteit van de geestelijke wereld te beseffen en doorzien: je onder leiding van de Heer te verdiepen in de actuele situatie en je met Hem te richten op de wil van God en de mogelijkheden van het evangelie. Wat is er aan de hand? Welke geesten zijn hier aan het werk (geweest)?

Vaak is de geest van hysterie betrokken bij innerlijke en/of lichamelijke ontregeling (zie Stb.13/13) en probeert de geest van weerspannigheid het goede functioneren van ons zelf-herstellend vermogen te blokkeren. Er kunnen meerdere, al of niet occulte geesten bij betrokken zijn. We mogen in geloof en met geestelijk onderscheidingsvermogen de strijd tegen de machten der duisternis opnemen en ze in de naam van Jezus buiten ons leven plaatsen. Waar nodig onder handoplegging in de gemeente. De Heer geeft ons macht om op slangen en schorpioenen te treden (Luc.10:19, zie ook Stb.50/4).

Proclameren

Hierna mogen we in geloof de zegen van de Heer over ons leven uitspreken: het geestelijk klimaat scheppen waarin het herstel optimaal kan plaatsvinden (Stb.50/8). We mogen in zijn naam genezing proclameren: ons zelf-herstellend vermogen aanzetten om - mede door de bekrachtiging van de Geest Gods - naar de wetten van het Koninkrijk Gods te functioneren.

Blijf op deze wijze de strijd voeren en de genezing proclameren. Volhard hierin, met geloof en geduld. Houd vast aan het leven dat God je heeft gegeven (1Tim.6:12 HB). Bewust van zijn zegen over je leven en zijn bedoeling met je leven. Met visie op en geloof in de nieuwe, goddelijke mogelijkheden die Jezus door de Geest in je leven opent.

In de gemeente

Leef in diepe verbondenheid met de Heer verder op de plaats die Hij je in zijn gemeente geeft. Ga steeds weer gelovig in op alles wat de Heer je door woord en Geest aanreikt en werk ermee. Bewust en actief betrokken bij het doorgaande proces van herstel en genezing, in de vrede en blijdschap van het Koninkrijk Gods. Gericht op het verder invullen van de wil van God. Vol vertrouwen in Hem die jou tot dit leven wekt en roept. In zo’n leven kan Jezus zijn werk voortzetten, tot de voleinding toe (naar Fil1:6)!

Hulp

Hoe kijken we in dit verband aan tegen medische hulp en begeleiding? Mogen we artsen raadplegen en medicijnen gebruiken? Gaat dit in tegen de wetten van het Koninkrijk, spoort dit met het werk van Jezus? Moeten we alle hulp van ‘beneden’ van de hand wijzen? Kan goddelijke genezing slechts ‘door geloof alléén’ tot stand komen?

We moeten ons verstand niet uitschakelen, maar juist gebruiken en vruchtbaar laten zijn. Dit is een kenmerk van geestelijke gaven, van geestelijk gave mensen. Wij dienen goed en verantwoord te leven: in twee werelden tegelijk. En dus ook goed en verantwoord gebruik te maken van de zich ontwikkelende kennis over het natuurlijk bestaan.

Vrome geesten stellen geestelijke en medische kennis tegenover elkaar. Zij spreken van ‘ongeloof’ wanneer kinderen Gods naar een dokter gaan of medicijnen innemen. Ook deze geesten mogen worden onderkend en in de naam van Jezus worden aangepakt. Waardoor het geestelijk gezonde, normale denken en doen verder te voorschijn kan komen.

Gunstige omstandigheden

Medicijnen scheppen gunstige omstandigheden voor genezing. Zij dragen bijvoorbeeld benodigde bouwstoffen aan of maken aanwezige ziektekiemen onschadelijk: zo bevorderen en vergemakkelijken zij het herstelproces. De feitelijke genezing wordt bewerkt door het ‘leven’ in ons - door ons eigen (geestelijke) lichaam, door het functioneren van ons zelf-herstellend vermogen. Indien dit niet functioneert, kan genezing niet op gang komen, hoeveel medicijnen ook worden toegediend. Ook hier geldt de bijbelse wijsheid: een vrolijk hart bevordert de genezing (Spr.17:22), een blij hart zal een medicijn goed maken (SV)!

Iets soortgelijks geldt voor chirurgisch ingrijpen. Ook nu worden zo optimaal mogelijke omstandigheden gecreëerd voor genezing. Hetzij door het wegnemen van een ziek orgaan zoals bij een blindedarmontsteking, of een niet bij het lichaam behorend gezwel. Hetzij door ondersteuning van het beschadigde deel, zoals bij een gebroken been, of door vervanging van een niet meer functionerend lichaamsdeel: denk bijvoorbeeld aan een hartklep of nieuwe heup. Maar ook nu moet het lichaam - het ‘leven’ in ons lichaam - de draad weer zelf oppakken, anders mist de hele ingreep zijn doel.

Hetzelfde gaat op voor revalidatie. Ook deze behandelingen en maatregelen scheppen gunstige omstandigheden voor herstel; zij dragen op specifieke wijze bij aan de genezing.

Leiding

De mogelijkheden en middelen op het bovengenoemd terrein nemen alleen maar toe. We mogen hier dankbaar gebruik van maken. Dit is niet in strijd met de weg die wij op grond van het evangelie van Jezus Christus in de hemel gaan. Het goed en verantwoord omgaan met natuurlijke zaken - op welk terrein dan ook - behoort bij het geestelijk volwassen leven. De Heer wil ons hierin leiden, ons inzicht en wijsheid geven. Stel Hem bestendig voor ogen, ook ten aanzien van deze dingen. Dan zul je merken dat Hij zorgt voor je lichamelijke welzijn (Ps.16:9 HB). Ook langs deze ‘natuurlijke’ wegen.

Onderscheiding

Heel anders is het gesteld met paranormale geneeswijzen, zoals magnetisme. Met alternatieve therapieën die voortkomen uit oosterse denkwijzen, zoals acupunctuur. Met medicamenten die onder bijzondere omstandigheden of op mystieke wijze bereid zijn, zoals homeopathische geneesmiddelen. Je krijgt dan te maken met ‘buitengewone’ krachten, met werkingen van occulte machten die op deze terreinen actief zijn. Dit is niet uit God; dit gaat lijnrecht in tegen wat Jezus in ons leven wil bewerken. Houd je hier verre van, op welke wijze ook verpakt of aangeprezen.

Maak geen gebruik van zaken of middelen wanneer het je niet duidelijk is uit welke bron de aanpak of het preparaat voortkomt. Handel niet in onkunde; ga niet over één nacht ijs. Verzamel eerst voldoende kennis en inzicht. Boeken als ‘Tovenaars van de 20ste eeuw’ van Gerard Feller, kunnen hierbij hulp bieden. Voer heilzaam overleg met de Heer, in de gemeente van de Heer. Vraag Hem om wijsheid en onderscheiding van geesten. Een gezond uitgangspunt op dit terrein vormt de bekende verkeersregel: bij twijfel niet inhalen!

Hulpverlening

Mag een kind van God gebruik maken van de hulp van bijvoorbeeld psychologen? Staat de professionele hulpverlening van deze wereld op gespannen voet met de pastorale zorg en hulp in de gemeente van Jezus Christus?

Wat betreft het zicht op oorzaken en achtergronden van de (psychische) nood zijn de menswetenschappen niet gebaseerd op het evangelie. De psychologie onderscheidt geen machten der duisternis in de geestelijke wereld en bindt hiertegen dus ook niet de strijd aan. Werkelijke verlossing en bevrijding van boze geesten kan langs deze weg dus nooit worden ontvangen. En als gevolg hiervan kan de innerlijke genezing ook nooit volledig worden. De problemen worden dus niet echt opgelost. De aandacht gaat veelal uit naar het leren omgaan met het probleem, het ermee leren leven.

Wel bieden de gedragswetenschappen vaak zinvolle aanwijzingen en nuttige handgrepen in het onderkennen en veranderen van bepaalde denk-, gedrag- en leefpatronen. Deze kunnen door kinderen Gods worden gehanteerd na bevrijding van de geest(en) die deze patronen hebben veroorzaakt. Met andere woorden: ze zijn nuttig bij het slechten van schansen en bolwerken (Stb.54). Op deze wijze kunnen zij een bijdrage leverenaan de innerlijke genezing.

Pastoraat

Laat echter geen verwarring ontstaan. Goede pastorale zorg in de gemeente ontstaat niet door kennisneming van allerlei moderne benaderingen in de professionele, geestelijke hulpverlening. Zij is volledig geënt op het evangelie van Jezus Christus. Zij ontleent alles aan Hem en aan Hem alléén. In het pastoraat wil Jezus werken door zijn heilige Geest: in verlossing en bevrijding, in vernieuwing op ieder terrein. Hij heeft kennis van alle zaken in het leven van mensen. Hij biedt ons ook alles aan om tot herstel en genezing van geest, ziel en lichaam te komen. Hij beschikt daartoe over alle goddelijke middelen en mogelijkheden. Hij heeft het van Godswege in Zich om alles in allen te volmaken (Ef.1:23).

Geloof

Laten we dan ook nooit onze hoop vestigen op artsen of professionele hulpverleners, op medicijnen of therapieën. Onze hulp is van de Heer! Laat ons oog daarom onder alle omstandigheden en in elke situatie gericht zijn en blijven op Jezus Christus. Hem voor en boven alles stellen. Laten we de weg gaan die Hij wijst, ondanks welke tegenspraak of tegenstand dan ook. Vol geloof in Hem, hoop op Hem, vertrouwen in Hem. Met een hart waarin Christus woont, waarin Hij door ons geloof rijkelijk woning maakt (Ef.3:17). Een hart dat niet vreest en zich niet laat verschrikken, maar waarin de Christus als Heer wordt geheiligd (1Pe.3:15). Zo’n hart vindt zijn vastheid in genade (Heb.13:9). Deze genade is dan te allen tijde genoeg. Zelfs in de grootste zwakheden kan de kracht van Christus dan over ons komen en werkzaam worden (naar 2Cor.12:9).

Voor jezelf

De bovengenoemde vormen van charismatische genezing werken alleen in eigen leven: ons zelf-herstellend vermogen wordt door de Geest Gods aangegord, en dit kan - zoals de naam al aangeeft - alleen maar in jezelf iets tot stand brengen.

Je kunt als mens niet voor een ander denken, geloven of kiezen. Ieder mens heeft een eigen hart, met vermogens die werkzaam zijn in eigen leven. Ieder moet zelf keuzen maken, persoonlijk geloof ontwikkelen, enz.

Zo werkt het ook op het terrein van herstel en genezing. Wij kunnen elkaar als mensen geen genezing schenken, noch bij elkaar genezing bewerken. Dit is slechts mogelijk voor God, door de krachtige werking van zijn Geest.

Voor elkaar

Wel kunnen wij bijdragen aan het proces van genezing in het leven van de ander. Niet alleen op natuurlijk terrein, door elkaar de helpende hand te bieden. Ook op geestelijk gebied: door gebed en voorbede, door elkaar een met heilige Geest bekrachtigde geestelijke hand toe te steken.

Hoe werkt dit in de geestelijke wereld? Op welke wijze mogen en kunnen wij ons op charismatische wijze inzetten voor onze naaste, en dan - in het kader van deze studie - in het bijzonder voor de genezing van onze broeder en zuster?

Jezus

Jezus geneest de zieken die bij Hem komen. Op velerlei wijzen: door een woord, een aanraking, een specifieke handeling... Dit gebeurt niet door Jezus' eigen kracht die werkzaam wordt in de ander, maar door de kracht Gods. Er is op zo’n moment kracht des Heren, zodat Jezus kan genezen (naar Luc.5:17). De Zoon kan niets doen van Zichzelf, zegt Jezus, of Hij moet het de Vader zien doen (Joh.5:19).

Wanneer Jezus een genezing verricht, gaat er kracht van Hem uit (Mar.5:30). De kracht Gods tot genezing werkt dus niet buiten Jezus om - doreatisch - maar door Hem heen - charismatisch. Voor de mensen die in de evangeliën door Jezus genezen worden, is deze genezing een dorea; de Geest was immers nog niet in hun harten uitgestort.

Innerlijke ontferming

Jezus geneest mensen wanneer Hij met innerlijke ontferming over hen bewogen raakt (Mat.14:14, 20:34). Vanuit deze barmhartigheid wekt Hij op een gegeven moment zelfs een dode op (Luc.7:13,14). Zijn vermogen om lief te hebben en liefde te geven is bij dit handelen volledig betrokken. Vanuit zijn verbondenheid in liefde met God, deelt Jezus - in liefde - mensen goddelijke gaven toe: in de gevende, goddelijke liefde (agapè) wordt goddelijke kracht werkzaam.

Wanneer Jezus op charismatische wijze genezingen verricht, zijn dit hogere uitingen van liefde. De liefde Gods komt openbaar in het liefhebbende spreken en werken van Jezus, met alle heerlijke gevolgen van dien. Wat mooi dat juist dit vermogen in Jezus door God wordt bekrachtigd en gebruikt om het goede van Hem aan andere mensen door te geven en mee te delen.

Door liefde werkende

Werking van krachten en gaven van genezingen in de gemeente ten bate van de ander worden werkzaam in agapè. Deze liefde verbindt ons met God en Jezus en met elkaar. Zij bewerkt de volkomen heelheid in het lichaam van Christus (zie ook BS 9/7-12): zij werkt herstellend en genezend in het leven van alle leden van dit lichaam.

Alles wat God voor mensen bedoelt, wordt in deze liefde werkzaam. De bijbel spreekt over geloof, door liefde (agapè) werkende (Gal.5:6). Door dit geloof kunnen bergen worden verzet, genezingen worden verricht, werken Gods worden volbracht. Deze weg - van geloof door liefde werkende - voert ons steeds verder omhoog (naar 1Cor.12:31). Deze weg doet ons het einddoel des geloofs bereiken.

Door geloof

Voor de Pinksterdag geeft Jezus eerst de twaalven en in een later stadium de zeventig opdracht om boze geesten uit te werpen, zieken te genezen en doden op te wekken (Mat.10:8, Luc.10:9): Om niet hebt gij het ontvangen, geeft het om niet. En zij genezen de zieken. Dit zijn dorea’s van genezing. Ze stemmen de discipelen tot grote vreugde.

Na het ontvangen van de heilige Geest zegt Petrus tot de verlamde in de poort van de tempel: Zie naar ons. Zilver en goud bezit ik niet, maar wat ik heb, geef ik u: in de naam van Jezus Christus: Wandel (Hand.3:6)! Petrus werkt met wat hij heeft, met wat er in zijn leven aan geestelijke gaven tot ontwikkeling is gekomen. Naderhand zegt hij: niet door eigen kracht of godsvrucht hebben wij deze man doen lopen; het geloof door Hem heeft deze man dit volkomen herstel gegeven (vs.12-16). Hier zijn charismata van geloof en genezingen werkzaam in Petrus en Johannes. Voor de verlamde is het een dorea.

Ook voor ons

Jezus geeft ons als gelovigen dezelfde opdracht: Drijf boze geesten uit, leg zieken de handen op. Jacobus roept in het verlengde van deze uitspraak de zieken in de gemeente op om voor zich te laten bidden. Met de heerlijke belofte: zij zullen genezen worden; het gelovige gebed zal de lijder gezond maken, de Heer zal hem oprichten (Mar.16:8 en Jac.5:14-16).

Jezus laat charismata van geloof en genezingen in ons functioneren en ontwikkelen. Hij voert zijn gemeente in goddelijke liefde tot geestelijke volheid. Deze agapè functioneert niet alleen in de wording van banden en pezen in de gemeente; zij is ook voluit werkzaam in de ontwikkeling van geestelijke gaven. Deze liefde blijft (1Cor.13:13): tezamen met geloof en hoop blijft zij tot in eeuwigheid het wezen en werken van Jezus Christus en zijn gemeente bepalen.

Bidden voor genezing

Er kan dus op meerdere wijzen in de gemeente voor genezing worden gebeden. Je kunt je met elkaar openen voor een goddelijk geschenk. Samen bidden voor een dorea van genezing, rechtstreeks komend van God en Jezus. En samen beleven dat dit gebeurt! Heerlijk om je zo met elkaar op de Heer te richten en het in geloof geheel van Hem te verwachten. Dit kan zelfs voordat mensen gedoopt zijn in heilige Geest.

Wanneer de heilige Geest is ontvangen en werkzaam wordt in het leven van mensen gaat er in dergelijke gebeden een nieuwe dimensie open. Gaven van genezingen gaan functioneren, zowel in degene die genezing nodig heeft, als in hen die zich mede voor deze genezing willen inzetten. De goddelijke genezing kan dan mede door het charismatische functioneren van mensen tot stand komen.

Samen werken

Samen met Jezus mag er in de gemeente op charismatische wijze gewerkt worden aan herstel en genezing van broeders en zusters. In geloof en verbondenheid kun je samen de strijd opnemen, samen een zegen uitspreken en samen de genezing proclameren. Het zelf-herstellend vermogen van de zieke kan door de Geest Gods worden bekrachtigd. Dit kan door werkzame agapè van de voorbidders worden ondersteund. Jezus zelf kan bovendien op doreatische wijze aanvullen... Wat een heerlijke, goddelijke mogelijkheden opent Jezus op dit terrein voor zijn gemeente! Laten we ze met elkaar zien en in geloof benutten. Als gemeente: in heilige Geest en goddelijke liefde met Hem en met elkaar verbonden.

Slot

Dankbaar voor alles wat Jezus op het terrein van genezing al heeft gedaan en doet, wil ik mij met u in geloof uitstrekken naar het meerdere hierin. Naar alles wat Jezus nog gaat doen: naar het volwassen functioneren van gaven der genezingen en werkingen van krachten in de gemeente, naar het volwassen leven Gods in het lichaam van Christus.

Laten we vol liefde en vrede voortgaan op de weg die Jezus ons wijst. In zijn naam de vijand die ons wil ontmoedigen en tegenhouden, ontmaskeren en overwinnen. Laten we in diepe gemeenschap met de Heer het ‘kinderlijke’ afleggen en het ‘volwassene’ aandoen, zowel in het spreken als in het werken door de Geest (naar 1Cor.13:11).

Jezus brengt zijn gemeente tot volheid en heerlijkheid. Daar mogen we zeker van zijn. Hem hiervoor alle lof en dank!